Er was eens een jongetje dat Fred heette en een passie had voor miniatuurauto’s… Omdat het december is, klinkt het misschien als een kerstverhaal, maar dit is een heel echt verhaal, precies zoals we ze graag zien, met alle ingrediënten voor een inspirerend avontuur: een kinderdroom, passie, een helpende hand van het lot. Er is hier geen peettante met magische krachten, alleen een reeks beslissende ontmoetingen en het verhaal van een vader, Fred Suber, en zijn zoon, Sébastien. Suber Factory is een echt Belgisch succesverhaal, erkend over de hele wereld, en daar zijn we heel blij om.
Een helpende hand van het lot
Na zijn studie voor verkoopingenieur aan het ICHEC in Brussel begon Fred Suber zijn professionele carrière. Maar zijn interesse in schaalmodellen is nooit weggeëbd. Fred creëert en bouwt miniaturen vanuit het niets in zijn huis in Sint-Genesius-Rode, zonder enige basisondersteuning. Volledig autodidact, zijn obsessie om zijn replica’s van iconische raceauto’s tot leven te brengen (Porsches, Bugatti’s, Ferrari’s en andere beroemde oldtimers daterend van tussen de oorlogen en tot de jaren 1980) bracht hem ertoe cursussen te volgen aan de Academie om de ‘Rembrandt-techniek ‘ onder de knie te krijgen, met andere woorden het mengen van pigmenten en olie, het contrast tussen licht en schaduw. Vandaag de dag is dit ongetwijfeld wat de Suberfabriek zo kenmerkend maakt, ja zelfs zijn handelsmerk. In 1994 sloeg het noodlot toe: op een tentoonstelling waar Fred besloot zijn collectie te tonen, werd Porsche-verzamelaar Johan-Franck Dirickx zijn allereerste klant, en dat is hij nog steeds. Het was het moment dat zijn lot veranderde en vanaf dat moment werd zijn passie zijn beroep.

Dichtbij extase
De tweede belangrijke ontmoeting was met Jacques Swaters, een voormalig autocoureur en eigenaar van de Francorchamps en Belgische nationale teams. Swaters opende zijn adresboek voor hem, waardoor hij in de wereld van de verzamelaars terechtkwam. En wat te zeggen van zijn ontmoeting met wijlen baron Roland D’Ieteren, een klant en vriend die hem onschatbare en wijze raad gaf zoals “Je bent made in Belgium: stay here”. Vandaag de dag worden de creaties van de Suberfabriek gedreven door een oprechte interesse die verder gaat dan de esthetiek van de lijnen van de auto. De auto moet een verhaal hebben, een ziel, een bestuurder met een sterke persoonlijkheid. De replica moet levend zijn, levendig, brullend, bewegend, uniek! Als je naar het object kijkt, moet je het rubber van de wielen voelen, de motor horen, de hitte voelen. Je moet de sporen zien die de uitlaatgassen achterlaten op de bodem van het chassis en het gepatineerde leer van de stoelen voelen dat je wenkt om het te strelen. Het is bijna extatisch om zo’n meesterwerk te zien.

Om de kwaliteit van het product te garanderen en omdat alles met de hand wordt gedaan, worden er slechts een twintigtal auto’s per jaar geproduceerd, in een echte werkplaats waar de motoren, mechanische onderdelen en carrosserie worden ontworpen. Elke fase van het creatieproces wordt vereeuwigd in een logboek dat de klant bij aflevering krijgt. Voor een replica betaal je tussen de €15.000 en €25.000, met een wachttijd van minimaal 6 maanden. Maar als je ervan houdt, reken je niet!

Fred is blij en trots dat hij de afgelopen jaren al zijn ervaring heeft doorgegeven aan zijn zoon Sébastien. Het werk wordt nu door 4 handen gedaan, maar de wachttijden zijn er niet minder lang om en de vraag is groter dan ooit. Voor de goede orde: de LVMH-groep heeft hen zelfs een aandeel in het bedrijf aangeboden, maar dat aanbod werd vriendelijk afgewezen. Geen wrok, maar de groep is nog steeds klant. Onder de klanten van de discrete Suber Factory bevinden zich beroemde namen uit de zakenwereld, showbizz en auto-industrie, zoals Bono (U2) Ralph Lauren, Carlos Monteverde, Sébastien Bottinelli (Audemars Piguet), Jaccky Ickx, Jon Shirley (Microsoft), Jean Todt (Ferrari F1 Team Director), Sébastien Vettel, Lauwrence Stroll, Tom Hartley…
Is de Suber Factory niet ontegenzeggelijk een geweldig verhaal?
